Stoppen met Werken

 
Gratis offerte

pensioen_zelfstandigen
 
Salaris_baas_Nuon_stijgt_42_procent
 
pensioen_fondsen
 
ombudsman_pensioenen
 
Kleisterlee_maakt_tweede_termijn_niet_vol
 
Levensjarenstelsel
 
berekening eerder stoppen met werken
 
pensioen_buitenland
 
Tijdelijk_ouderdomspensioen
 
Nederlander_wel_bereid_langer_door_te_werken
 
Gelderland_verontrust_over_salaris_Nuon_topman
 
pensioen_gat
 
RWI_voorziet_problemen_op_arbeidsmarkt
 
bedrijfsvoorheffing_pensioenen
 
netto_aow
 
 
 
 

Welkom op Stoppen met Werken,
rubriek aow_uitkeringen

 
Gratis pensioenofferte en/of pensioenadvies

aow uitkeringen nieuws:

Aantal WW-uitkeringen groeit minder hard

Uitgegeven: 14 april 2004 10:44

VOORBURG - De groei van het aantal WW-uitkeringen is eind vorig jaar iets afgevlakt. In de tweede helft van 2003 steeg het aantal uitkeringen voor werkloosheid met 6000 per maand tot een totaal van 287.000. In de eerste zes maanden van vorig jaar bedroeg de groei gemiddeld nog ruim 8000.

Dat blijkt uit woensdag gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Volgens het CBS steeg het aantal WW-uitkeringen eind vorig jaar weliswaar minder hard, maar is de groei nog wel groter dan in 2002. In dat jaar nam het aantal uitkeringen voor werkloosheid gemiddeld met 3000 per maand toe.

Door de voortdurende stijging is het aantal WW-uitkeringen eind 2003 met een totaal van 287.000 terug op het niveau van februari 1999. Als rekening wordt gehouden met seizoensinvloeden, bedroeg het aantal uitkeringen eind vorig jaar 289.000. Zo zitten in de winter veel schilders en werknemers in de bouw zonder baan.

Ook blijft het aantal bijstandsuitkeringen groeien. In het derde kwartaal van vorig jaar noteerde het CBS een gemiddelde stijging van duizend uitkeringen per maand. Eind september werden 330.000 bijstandsuitkeringen verstrekt.

Het aantal arbeidsongeschiktheidsuitkeringen blijft daarentegen dalen. Eind 2003 werden 982.000 WAO-, WAZ- en Wajong-uitkeringen verstrekt. Dat zijn er 11.000 minder dan een jaar eerder.


Voor meer informatie over aow uitkeringen adviseren wij u de site: pensioen berekening te bezoeken.

aow uitkeringen nieuws

Tot 1992 zijn er veel mensen geweest die lijfrentepremies hebben betaald. Reden hiervan was dat destijds nog geen ingewikkelde berekeningen hoefden te worden gemaakt, maar dat een vast maximaal bedrag in aftrek kon worden gebracht.De polissen van voor 1992 komen zo langzamerhand tot uitkering en kennen vele mogelijkheden. Uiteraard kan men van deze kapitalen een levenslange danwel tijdelijke uitkering aankopen.De lijfrentecontracten van voor 1 januari 1992 waren echter veel flexibeler dan na die tijd. Dat houdt onder andere in dat per uitkeringstermijn een begunstigde voor die uitkeringen kan worden aangewezen. Zo gebeurt het vaak dat een uitkering wordt aangekocht op het leven van bijvoorbeeld de vader, en dat de feitelijke uitkering naar de kinderen gaat en bij hen wordt belast. Op deze wijze kan een tariefsvoordeel worden behaald. Dit systeem werkt niet als men de uitkering aan de partner wil laten toekomen. Alhoewel de wettelijke bepalingen hieromtrent enigszins onduidelijk zijn, is dit wel de bedoeling van de wetgever geweest.Als het geld niet echt nodig is kan men het ingaan van de uitkeringen blijven uitstellen. Dit is bij de huidige lijfrentecontracten niet meer mogelijk.

Meer verzekeringnieuws: offerte-fietsverzekering.nl

pensioen nieuws:

SUM

SUM-regeling

  1. Vanaf 1 april 1997 is de Seniorenregeling Universitaire Medewerkers (SUM) in werking gegaan. De regeling geldde tot 1 augustus 1998.

  2. Doel van de regeling was het bereiken van een meer passende arbeidssituatie voor senioren, waarbij het voor hen aantrekkelijker was om aan het arbeidsproces te blijven deelnemen.

  3. De SUM kwam vanaf 1 april 1997 in plaats van de tot dat moment geldende Seniorenbeleid Onderwijspersoneel (SOP) regeling (Stb. 1995,161), zoals in werking getreden op 1 mei 1993 en laatstelijk verlengd tot en met 1 april 1997 door partijen op 19 december 1996. De overgangsbepalingen voor degenen die op 1 april 1997 gebruik maken van de SOP-regeling zijn opgenomen in paragraaf 2.

  4. De SUM biedt aan werknemers, die in de periode vanaf 1 april 1997 tot 1 augustus 1998 57 jaar of ouder, maar niet ouder dan 61 jaar zijn, de mogelijkheid om de feitelijke werktijd per week terug te brengen.

  5. Van toepassing zijn alle bepalingen zoals opgenomen in de in ld 3 genoemde SOP- regeling met uitzondering van het hierna volgende bepaalde voor de periode vanaf het bereiken van de 61-jarige leeftijd tot aan pensioendatum op 65-jarige leeftijd.

  6. Voorafgaand aan het moment waarop feitelijk gebruik wordt gemaakt van de onder 3 genoemde mogelijkheid verplicht werknemer zich om vanaf het bereiken van de 61-jarige leeftijd gebruik te maken van de (deeltijd) FPU-regeling.

  7. Het deeltijdpercentage waarin van FPU gebruik moet worden gemaakt is gelijk aan het aantal dagen dat vanaf de 61-jarige leeftijd gebruik zou moeten worden gemaakt van de SOP-regeling.

  8. Op de datum van ingang van de verkorte werkweek zal werkgever een zodanige voorziening treffen ten gunste van de werknemer dat gedurende een periode na het begin van de deelname aan de FPU-regeling de pensioenopbouw, voor zover deze gefinancierd wordt uit de werkgeverspremie, voortgezet wordt.

  9. De onder 8 genoemde periode is gelijk aan de periode gelegen tussen de datum van ingang van de verkorte werkweek en het bereiken van de 61-jarige leeftijd. Ingeval direct bij het bereiken van de 57-jarige leeftijd gebruik wordt gemaakt van de verkorting van de werkweek, dan is deze periode maximaal (dus 4 jaar).

  10. De onder 8 en 9 genoemde voorziening maakt het mogelijk dat de pensioenopbouw gedurende (een deel van) de verplichte FPU-periode volledig voortgezet wordt mits de werknemer het daarbij passende werknemersdeel (doorsneepremie) in de premie betaalt. Het werknemersdeel wordt berekend op basis van de doorsneepremie.

  11. Deze regeling geldt tot 1 augustus 1998, met dien verstande dat deze regeling voor de werknemer die voor deze datum van deze regeling gebruik heeft gemaakt, behoudens voorafgaand ontslag voor het bereiken van de 61-jarige leeftijd, van toepassing blijft totdat hij de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.


 
 
 
Terug naar Stoppen met Werken